Met liefde gemaakt
Ieder verhaal dat ik schrijf heeft iets bijzonders, anders schrijf ik dat verhaal niet. Maar sommige verhalen zijn extra bijzonder. Dan stuit je plots op een pareltje.
De parel heet in dit geval Arendjan, een jongen van 27 met het Syndroom van Down. Hij werkt als kunstenaar in de Kunstwerkplaats, het atelier van de Stichting Ago. Ik schreef een reportage over de Kunstwerkplaats voor de Living en Arendjan is de hoofdpersoon. Hij vertelt over zijn werk, zijn cavia Joost en zijn drie kinderen (jawel, lees maar in de Living hoe dat zit!;-). Maar zelden heb ik iemand zo onbevangen horen vertellen over de dood van een dierbare en wat dat met je doet. Arendjan vertelt over de chemo’s die zijn moeder moest ondergaan, en de beenmergtransplantatie. Over hoe ze van bloemen hield, en van dat ene liedje dat hij op de blokfluit speelde. Hoe hij haar mist als hij uit zijn werk komt en hoe jammer hij het vindt dat ze nooit zijn nieuwe huis zal zien, want binnenkort krijgt hij zijn eigen appartement.
Misschien klinkt het gek, maar ‘sierlijk’ is ook een woord om te omschrijven hoe hij verhaalde over het gat dat de dood van zijn moeder in zijn leven had geslagen. Sierlijk omdat hij zijn leven (met gat en al), en dus dit verhaal, tooit met glunderend optimisme en stralende liefde.
Je kent het wel: zo’n gevoel van een bomexplosie in je kalmte. Zenuwen die in wilde paniek om zich heen grijpen, een kolkende uitbraak van zweet en álle denkraderen in de overdrive. Daarnet was alles nog kits. Nu, een fractie van een seconde later, slaat het hakbijlsgewijs in: je hebt een Probléém dat moord en brand schreeuwt om een oplossing en wel nu. NU NU NU!!
2006? Wég met dat jaar! Het diende gevierd te worden dat het einde in zicht was. Dat heb ik dan ook gedaan. En wel groots en meeslepend. Ik had vakantie, was enorm uitbundig bezig of daarvan aan het bijkomen (vandaar ook dat het hier wat stilletjes was).