Godheden
“‘Nog maar kort geleden hielden we elkaar eerder de hand boven het hoofd, dan dat we fouten openbaar maakten’,” zegt Herre Kingma, voorzitter van de raad van bestuur van Medisch Spectrum Twente vandaag in De Volkskrant. Het stuk gaat over de specialist die jaren lang kon blijven blunderen, liegen en bedriegen met medeweten van het ziekenhuis – dat niet ingreep. “De trend van openheid is pril, en nog niet tot elk ziekenhuis doorgedrongen. ‘Doktoren waren in een nog niet zo ver verleden godheden’.”
Godheden dus. Hoe vreemd.
Het argument dat een fout toegeven en sorry zeggen ongeveer het eerste is dat je als kind leert van je ouders, gaat dus niet op. God had tenslotte geen ouders van wie hij dat leerde. Zo was er, als je sommigen moet geloven, wel meer dat hij niet had geleerd. Dat je geen homo’s met hun hoofd naar beneden van een flatgebouw pleurt, bijvoorbeeld. En dat de hemel, als die al bestaat, bedoeld is voor lieve mensen. Punt. En dus niet louter en alleen voor mensen die strikt de bijbel naleven en daarom geen vrouwen in de politiek toelaten, om maar wat te noemen. Maar dat terzijde.
Je zou toch zeggen dat het, hoe god-achtig ook, intelligente, weldenkende types zijn, die artsen. Mensen die nádenken, kritisch, en dus voortdurend leren van fouten. Mensen met de oren en ogen open en het hart op de goede plaats. Want hun droom was ooit, aan het begin van hun studie, om mensen te helpen. Met veel passie, anders begin je niet aan een studie van tig jaar.
Fout toegeven en sorry zeggen. Hoe moeilijk kan het zijn? Oké, best moeilijk, als het om mensenlevens gaat. Maar dat is nu eenmaal waar het om gaat als je arts bent, om mensenlevens. Daar heb je voor gekozen, juist omdát het daar om gaat.
Misschien is dat dan ook gelijk de verklaring: artsen voelen zich écht een beetje God, die beslist over leven en dood.
Maar het verbaast me zo dat ze er nu pas achter komen dat ze helemaal geen God zijn. Dat ze ook maar mensen zijn. Die boos worden als ze het beginnetje van de plakband niet vinden, pret hebben om hun eigen scheten, struikelen als ze hun broek aantrekken en ja – fouten maken. Dat dus ook.